9 juli 2026
Holland Solar zet vraagtekens bij aanscherping schitteringsregels rond luchthavens
Wijnand van Hoof: ‘Goed beleid vraagt om feiten.’
Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat komt nog dit jaar met aangepaste regelgeving voor zonneparken rond luchthavens. Als op basis van één bekende situatie wordt besloten de regels voor alle zonneparken rond luchthavens verandert moet daar wel een overtuigende onderbouwing voor zijn. En die is er niet, vindt Wijnand van Hooff van branchevereniging Holland Solar.
Met die ene situatie doelt de directeur van de branchevereniging op de situatie waarbij piloten in maart 2025 hinder ervoeren van schittering van zonnepanelen bij een zonnepark van de Groene Energie Corridor in de omgeving van Schiphol. Op basis van deze casus werd Arcadis gevraagd te onderzoeken of aanvullende maatregelen nodig zijn om zonneparken nabij luchthavens veilig te kunnen realiseren. De conclusie was dat een strenger beoordelingskader wenselijk zou zijn dan de internationaal veelgebruikte FAA-richtlijn uit 2013.
Download ‘Tijdelijk kader zonnepanelen langs landingsbanen’
De aanbeveling die werd overgenomen door het ministerie roept volgens Holland Solar fundamentele vragen op. Onduidelijk is waarom waarom zonnepanelen straks aan strengere reflectie-eisen moeten voldoen dan andere oppervlakken zoals water, of glastuinbouw.
In het onderzoek van Arcadis staat dat het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR) aangeeft dat bij een brede toepassing van de norm eerst verder onderzoek nodig is. Desalniettemin doet Arcadis – tot teleurstelling van Holland Solar de aanbeveling om een landelijke strenge norm te implementeren. ‘Veiligheid staat vanzelfsprekend altijd voorop’, zegt Wijnand van Hooff. ‘Maar als je op basis van één bekende situatie strengere landelijke regels wilt invoeren, moet duidelijk zijn waarom dat noodzakelijk is. Die onderbouwing zien wij onvoldoende terug in het rapport.’
Eerst aanvullend onderzoek
Holland Solar pleit voor aanvullend onafhankelijk onderzoek naar de effectiviteit van zowel de bestaande internationale richtlijnen als het voorgestelde strengere beoordelingskader, voordat nieuwe landelijke normen worden ingevoerd. Van Hooff: ‘Goed beleid vraagt om feiten. Voordat strengere regels worden ingevoerd die impact kunnen hebben op de ontwikkeling van duurzame energie in Nederland, is het belangrijk eerst vast te stellen of die regels daadwerkelijk noodzakelijk zijn.’