EW05 Omslag 200
21 april 2021

Norm voor referentieklimaat in gebouwen herzien

gebouwenfoto: Linda Kindt

Om de energieprestatie zo betrouwbaar mogelijk te berekenen en niet af te laten hangen van een koude winter, wordt er gerekend met referentieklimaatgegevens die zijn vastgelegd in NEN 5060 ‘Hygrothermische eigenschappen van gebouwen – Referentieklimaatgegevens’. De norm uit 2018 is sinds kort herzien.

De norm NEN 5060 bevat voor elk uur van een fictief referentiejaar de gegevens voor temperatuur, wind, regen en zonnestraling. In de herziene versie van 2021 is nu vooral het hoofdstuk over zonnestraling verhelderd. De procedure voor de omrekening van gegeven zonnestralingsgegevens naar verticale en hellende vlakken is vervangen door een verwijzing naar NEN-EN-ISO 52010 ‘Energieprestatie van gebouwen - Buitenklimaat - Deel 1: Conversie van klimaatgegevens voor energieberekeningen’. Alleen de typisch Nederlandse gegevens zoals de invulling voor lage zonnestanden zijn in NEN 5060 blijven staan.

Tijdzone en oriëntatie

In de normversie uit 2018 was niet duidelijk genoeg welke tijdzone gebruikt werd bij de klimaatgegevens. Dat is namelijk de UTC. Gebruik in Nederland kon daardoor één uur (wintertijd) of twee uur (zomertijd) verschil opleveren. Ook kon verwarring ontstaan over de plus en mintekens bij oost of west. Dat is in de herziene norm nu overal aangegeven.