Cover-220x292
18 september 2018

Uneto-VNI en DGC vinden elkaar

Imago en onderwijs centraal in de komende jaren

dgc-uvni

Met 24 installatiebedrijven door heel Nederland is DGC een belangrijke inkooporganisatie. Speerpunten zijn niet alleen het bundelen van inkoopkracht (180 miljoen euro), maar ook opleidingen en branche-imago. Die sluiten nadrukkelijk aan bij de speerpunten van brancheorganisatie Uneto-VNI. Tijdens een gezamenlijke bijeenkomst sloten beide organisaties af met de conclusie dat samenwerking het bewerkstelligen van die doelen het meeste dient.

Onlangs besloot inkooporganisatie DGC de banden met Uneto-VNI aan te halen en samen op te trekken op twee belangrijke speerpunten; onderwijs en imago. Acht leden hebben inmiddels een eigen bedrijfsschool en daarnaast werken de DGC-leden intensief samen met ROC’s door jaarlijks plaats te bieden aan tweehonderd leerlingen die een BBL-opleiding volgen. Het speerpunt opleidingen en de traditionele cultuur bij de voornamelijk familiebedrijven die zijn aangesloten bij DGC, draagt volgens directeur Fleur Fischer van DGC zeker bij aan de imagoverbetering die volgens haar noodzakelijk is in de installatiesector.

Ruggengraat van de economie

Op beide terreinen klonken de inspanningen van DGC voorzitter Doekle Terpstra van Uneto-VNI als muziek in de oren. Hij verwelkomde de bedrijven met open armen. ‘Familiebedrijven vormen in Nederland traditioneel de ruggengraat van de economie. Wij zijn heel blij dat jullie samen met ons willen optrekken, en benadrukken dat Uneto-VNI hard werkt om de tekorten aan gekwalificeerde technici weg te werken.’ Dit probleem is in de afgelopen tien jaar flink verwaarloosd, stelde hij vast, ‘en daar betalen we nu een hoge prijs voor.’ ‘We hebben meer dan ooit technici nodig voor de enorme maatschappelijke opgave die ons als sector te wachten staat. Met name op het gebied van de energietransitie staan we voor de grootste verbouwing ooit. Maar ook gaan we tienduizenden woningen aanpassen om ouderen langer zelfstandig thuis te laten wonen. En er ligt een enorme opgave in de industrie en infratechniek. Ik ben dan ook blij dat de DGC hier samen met Uneto-VNI vol voor wil gaan’, prees hij directeur Fleur Fisher.

Spelbepaler

‘We willen ontsnappen uit de traditionele hiërarchie in de keten’, zo beschreef Terpstra een van de doelstellingen van de vereniging. ‘Wij willen als sector geen citroen zijn die wordt uitgeknepen en uit de gijzeling komen waarin partners in de bouwketen ons vasthouden. Net als jullie zijn wij ervan overtuigd dat we de spelbepaler kunnen zijn die aan het stuur zit van de energietransitie’, gaf hij de DGC-leden mee. ‘Samen kunnen we de aangesloten bedrijven ondersteunen om die spelbepalersrol ook te kunnen spelen.’

Terpstra bracht bij de leden van DGC onder de aandacht hoe een krachtenbundeling kan leiden tot succes. ‘Men ziet Uneto-VNI écht staan. De departementen, de Tweede Kameleden, de ministeries. Eerst moesten we netjes onze vinger opsteken, maar inmiddels benaderen partijen ons in plaats van andersom. Op allerlei beleidsterreinen wil iedereen horen wat wij vinden.’

Techniek Nederland

Bij die krachtige propositie die Terpstra voor ogen heeft hoort een nieuwe naam, zo vertelde hij de DGC-leden. Vanaf 15 januari gaat Uneto-VNI verder onder de nieuwe naam ‘Techniek Nederland’. Terpstra is ervan overtuigd daarmee nog meer invloed te krijgen op die plekken waar dat nodig is. ‘En het is goed als jullie ook onder die vlag willen opereren. De DGC vertegenwoordigt 24 prachtige voornamelijk familiebedrijven die traditioneel veel oog hebben voor het belang van human capital. Een thema dat ook bij Uneto-VNI topprioriteit heeft. Ik ben ervan overtuigd dat we gezamenlijk de agenda van het ministerie van OCW en onze agenda op een effectieve manier bij elkaar kunnen brengen.’

Sterke vakbonden

Over de rol van de vakbonden ontstond nog een aardige discussie tussen de DGC-bedrijven en Terpstra. Waar DGC niet veel brood meer ziet in gesprekken met een in aantal leden uitgeklede vakbeweging, benadrukte Terpstra dat werkgevers – in navolging van werkgevers in Zweden - juist hun best zouden moeten doen de organisatiegraad van werknemers te verhogen. ‘Een hoge organisatiegraad leidt tot een volwaardiger werknemersgeluid. Nu zitten we in toenemende mate aan tafel met een vakbeweging waarin de probleemgroepen (ouderen en uitkeringsgerechtigden) het voor het zeggen hebben. Het is veel beter met een veel bredere groep de sociale dialoog aan te gaan.

Terpstra: 'Het is veel beter met een veel bredere groep de sociale dialoog aan te gaan.'

Ik ben er van overtuigd dat dit juist ook voor werkgevers veel meer resultaat oplevert in termen van kwaliteit, prestaties en werktevredenheid. Dat levert uiteindelijk imagoverbetering op voor onze sector.

Naamsverandering

Aan het eind van de bijeenkomst gingen de aanwezige DGC-leden op uitnodiging van Uneto-VNI uiteen in vier groepen om te discussiëren over de onderwerpen imago, digitalisering, cao, sociale innovatie en Onderwijs. Een belangrijke conclusie was dat de naamsverandering werd omarmd. Onder de paraplu van Techniek Nederland willen ook DGC-leden graag werken aan het imago van de sector. Samenvattend: we moeten weer trots zijn op ons vak, een gezond zelfvertrouwen uitstralen, de stabiliteit die familiebedrijven van oudsher hebben benutten en het positieve verhaal van de sector vooral vertellen vanuit de praktisch opgeleide mensen die op dit moment in de sector een mooie baan hebben.

Digitalisering

Op het vlak van de digitalisering zit DGC op een lijn met Uneto-VNI. Voor een goed businessmodel zal digitale informatie op den duur belangrijker worden dan het fysieke gebouw zelf. We willen niet worden overvleugeld door een platform als Über dat steeds vaker hele sectoren (bijvoorbeeld de taxiwereld, maar ook restaurants) overneemt en de bedrijven die het echte werk moeten doen, wegdrukt in een ondergeschikte rol. Daarmee schaarde DGC zich nadrukkelijk achter de spelbepalersrol die Terpstra ziet weggelegd voor de installatiesector.

Onderwijs

Ook op gebied van onderwijs vonden Uneto-VNI en DGC elkaar. Er zijn heel veel mensen nodig voor de energietransitie en de noodzakelijke digitalisering. Samen optrekken om jongeren, vrouwen en statushouders te enthousiasmeren voor onze sector is een noodzaak. Daarbij hoort ook het opleiden van techniekdocenten waarvan het aantal de laatste jaren naar een zorgwekkend laag peil is gedaald. Net zoals het geval is in het hoger beroepsonderwijs willen we ook dat op mbo-niveau veel meer jongeren voor techniek gaan kiezen. Daarbij hoort een landelijk dekkend netwerk aan techniekopleidingen.

Demotie

Op het gebied van sociale innovatie hopen de DGC-bedrijven dat het onderwerp ‘demotie’ voor ouderen bespreekbaar wordt als tegenhanger van de ‘promotie’ van medewerkers gedurende hun loopbaan. Meer kennis en ervaring en daarbij horende promotie van medewerkers is normaal, maar voor een evenwichtige arbeidsmarkt willen we ook demotie bespreekbaar maken als een 55-plusser een tandje terugschakelt.