Juli 2018
Column Paul Smorenburg: Verdienen aan klimaatverandering
In mijn vorige column pleitte ik heel voorzichtig om het vele geld dat we hebben ook uit te geven in plaats van op te potten. Het gebruik van het woord ‘oppotten’, in combinatie met ‘schijterig’ werkte voor een aantal lezers als een rode lap op een stier. Of ik wel eens van appeltje voor de dorst had gehoord? Jazeker! Zelf ben ik namelijk ook eerder zo’n schijterige oppotter.
Ik herinner me nog goed hoe de zeven magere jaren na 2008 werden ingeleid door huizenkopers die in de jaren daarvoor allesbehalve schijterige oppotters waren en veel te roekeloos grote bedragen gingen lenen bij heel bereidwillige banken, die graag wilden verdienen aan klanten die toch ergens moesten wonen. De huizenprijzen stegen en gelukzoekers mengden zich met hun ‘appeltje’ op de markt tussen de mensen die echt een huis nodig hadden. Om een graantje mee te pikken door datzelfde huis een jaar later weer met winst te verkopen aan mensen die zich steeds dieper in de schulden moesten steken. We weten allemaal hoe het eindigde; de wereld raakte in een diepe kredietcrisis.
Gewone mensen konden het niet meer betalen, raakten hun huis aan de straatstenen niet kwijt en de consumptieve bestedingen holden hard achteruit. Bedrijven zagen hun winsten verdampen, de medewerkers kwamen op straat te staan en gaven nog minder geld uit. Begrijpelijk dat mensen terugvallen in de reflex ‘een appeltje voor de dorst’ te houden. Ik denk echter dat er op dit moment te veel appeltjes achter de hand worden gehouden. Daarmee pleit ik niet direct voor onbeperkt appels eten, maar wel méér. Het momentum is daar.
Op het moment dat ik dit schrijf heeft een brede politieke coalitie een Klimaatakkoord getekend. Een akkoord met heel veel goede intenties (we moeten de wereld redden), maar met nog heel weinig concrete, juridisch afdwingbare afspraken om werkelijk geld in te zetten voor de energietransitie. Er is terecht heel veel discussie over de betaalbaarheid van de maatregelen en vooral over de verdeling van de lasten. Het sentiment onder de bevolking: De overheid moet het maar betalen. Dat is altijd het makkelijkst; eerst een beroep doen op de inhoud van iemand anders zijn portemonnee. Maar dat pensioengeld dan? Dat is toch geld van ons allemaal. Geld dat we naar draagkracht hebben ingelegd. Waarom kunnen we een deel van dat geld niet gebruiken in de vorm van subsidies? Om te investeren in duurzame installaties. Waarom zien we die vervelende klimaatverandering niet als een verdienmodel? We kunnen met z’n allen wel net doen of die klimaatverandering vanzelf weer overwaait, maar dat is echt een illusie. Laten we er geld in steken om die verandering te stoppen. Een huis kost geld, maar uiteindelijk wil je toch ergens wonen. Dus steek je daar geld in. De instandhouding van de aarde kost ook geld, maar uiteindelijk willen we toch ergens op leven. Dus laten we daar geld in steken. De opbrengst van die investering? Heel veel werkgelegenheid en een leefbare planeet. De klimaatverandering als verdienmodel; daar ga ik voor.