April 2026
‘Slim onderhoud betekent doen wat nodig is op het juiste moment’
Interview met Marcel Kiekebos, directeur Kiekebos Klimaat & Duurzaam en voorzitter vakcommissie Klimaattechniek van Techniek Nederland
Als directeur van Kiekebos Klimaat & Duurzaam én voorzitter van de vakcommissie Klimaattechniek van Techniek Nederland ziet Marcel Kiekebos de uitdagingen rondom onderhoud van klimaatinstallaties vanuit twee kanten. Enerzijds de dagelijkse praktijk waarin installateurs moeilijk bereikbare installaties moeten onderhouden. Anderzijds de brede sectorbehoefte aan slimmere, efficiëntere werkwijzen. ‘Toch blijft periodieke visuele controle door een vakman cruciaal.’
Installaties op onbereikbare daken, technische problemen die te laat worden gesignaleerd, onderhoudscontracten die niemand wil uitvoeren… De praktijk van onderhoud aan klimaatinstallaties laat een zorgwekkend beeld zien. Wat gaat er mis, waarom zien we die problemen te laat, en belangrijker nog: hoe voorkomen we dat dit structureel wordt? Marcel Kiekebos legt de vinger op de zere plek.
Wat verstaat u onder slim onderhoud?
‘Slim onderhoud is efficiënt onderhoud. Eigenlijk zou het moeten gaan over beheercontracten in plaats van service- of onderhoudscontracten. Je beheert een installatie – ongeacht of dat pv-panelen, airco’s of warmtepompen zijn – en afhankelijk van de vervuiling en draaiuren voer je onderhoud uit. Je doet alleen wat nodig is, op het juiste moment. Dat scheelt tijd en zorgt vaak voor een betere prijs voor de klanten. Maar zo ver zijn we nog niet. We stuiten vaak op twee uitdagingen: hoe plannen we onderhoud efficiënt in? En als het moment daar is, kunnen we er dan überhaupt bij?’
Wat maakt dat we er in veel gevallen niet bij kunnen?
‘Het probleem ligt veelal bij woningen die de laatste jaren zijn opgeleverd. Alles moet snel, de bouwkolom heeft haast. Bij rijtjeswoningen kun je geen buitenunit naast het huis plaatsen en uit estetisch oogpunt liever ook niet voor het huis. Dus gaan ontwerpers en uitvoerders op zoek naar eenvoudig haalbare opties. Ze halen een paar dakpannen van het dak, maken een doorgang, zetten de unit erop en klaar is Kees. Ze houden daarbij geen rekening met het onderhoud. Vaak gebeurt dat door een andere partij dan het installatiebedrijf dat de unit heeft geplaatst. Laatstgenoemde geeft twee jaar garantie en daarna verlopen de contractuele verplichtingen. Wanneer de klant daarna aanklopt bij een onderhoudsbedrijf, krijgen ze vaak nul op het rekest, omdat de monteur niet bij de installatie kan.’
‘Meeste problemen ontstaan door slechte keuzes aan de voorkant’
Kunt u hiervan een praktijkvoorbeeld geven?
‘We kregen onlangs een aanvraag waarbij de klant vroeg om onderhoud van een zestal installaties van twee jaar oud. Die units staan allemaal op een schuin dak. Daar komen wij alleen met een hoogwerker van buitenaf bij, en dan nog door een aantal dakpannen omhoog te tillen. Een vrijwel onwerkbare situatie. Terwijl alle woningen ook een schuur met plat dak naast de woning hebben. Naar alle waarschijnlijkheid worden de buitenunits in dit geval nu verplaatst naar dat schuurdak om er maar voor te zorgen dat onderhoud mogelijk is. Die extra investering is weggegooid geld, doordat er in eerste instantie niet goed is nagedacht over de bereikbaarheid van de units voor onderhoud.’
Waar loopt u nog meer regelmatig tegenaan?
‘De meeste problemen ontstaan niet door onvoldoende of slecht onderhoud, maar door verkeerde keuzes aan de voorkant. Een warmtepomp die niet goed is ingeregeld, kan leiden tot hoger stroomverbruik. Systemen zonder buffervat springen vaker aan en uit; iets waar de compressor niet van houdt. Dit probleem merk je pas na een paar jaar. Bij het onderhoud zelf zien we vooral buitenunits die last hebben van bladeren en vuil, waardoor de ventilator nauwelijks nog lucht aanzuigt. Dan zijn er nog klanten die zelf aan de instellingen gaan rommelen. Die willen alles in een app zien en zelf kunnen bijsturen, terwijl een warmtepomp juist vraagt om constante temperaturen. Het lastige is dat we de problemen die dat gerommel opleveren pas maanden later terugzien als wij langskomen voor onderhoud of bij een storing. Het leed in de vorm van een veel te hoge energierekening komt dan pas aan het licht.’
Waarom worden die problemen pas laat opgemerkt?
‘Vaak trekt men pas aan de bel als de installatie duidelijk slechter presteert of helemaal uitvalt. De klant merkt dat de woning niet meer comfortabel warm wordt, of dat de energierekening flink is opgelopen. Als de unit op een lastig te bereiken plek zit, is regulier onderhoud voor veel installateurs niet aantrekkelijk. Om uiteindelijk te kunnen repareren of vervangen moeten wij dan het halve dak slopen.
Het probleem is dat tijdens de oplevering alles picobello lijkt. De installatie draait, de garantieperiode gaat in. Maar niemand vraagt zich af hoe het onderhoudsbedrijf over twee jaar het eerste onderhoud moet uitvoeren. Dat gesprek wordt simpelweg niet gevoerd. En twee jaar later staan wij voor een bijna onmogelijke opgave.’
Welke signalen die kunnen wijzen op een slecht functionerende warmtepomp worden vaak genegeerd?
‘Veelal draait het om kleine dingen die zich opstapelen. Een installatie die iets harder blaast door vervuilde filters. Een unit die vaker bijschakelt met het elektrische element of een lichte toename in het energieverbruik. Dat zijn signalen die klanten vaak niet oppikken, of die ze negeren omdat de installatie het nog wel doet. Maar ondertussen verslechtert de situatie. We werken nog te veel met vaste onderhoudsintervallen in plaats van preventieve conditiebewaking. Iedere twee jaar komen we langs, maar tussen die bezoeken door kan van alles misgaan. Als we daar geen zicht op hebben, zien we het pas als de klant belt met een storing. Dan is het te laat. Zonder monitoring lopen we altijd achter de feiten aan.’
U bent dus een voorstander van monitoring?
‘Zeker. Dan zien we op afstand al dat een installatie afwijkend gedrag vertoont. We kunnen proactief handelen in plaats van reactief. Er zijn merken die standaard connected installaties leveren. We zien realtime hoe de installatie draait, of er storingen zijn en wat de temperaturen zijn. Sommige kleine storingen kunnen zelfs op afstand worden opgelost. Met monitoring beperken we het onderhoud tot momenten waarop fysiek ingrijpen echt nodig is. En het scheelt enorm in het voorkomen van problemen die anders maanden onopgemerkt blijven.’
‘Zonder monitoring lopen we altijd achter de feiten aan’
Is dat dé oplossing of ligt die ergens anders?
‘Met monitoring kunnen we alles in de gaten houden, maar een structurele oplossing begint al in de ontwerpfase. Architecten en bouwers denken vaak niet aan onderhoud. Hun werkzaamheden concentreren zich rond de plaatsing, kosten en planning van een installatie. Onderhoud is voor hen een ver-van-mijn-bed-show. Ten tweede is de installateur die de plaatsing uitvoert vaak niet dezelfde als degene die verantwoordelijk wordt voor het onderhoud. Dus we krijgen geen terugkoppeling. Als het installatiebedrijf dat installeert ook het onderhoud voor z’n rekening neemt, leren ze vanzelf wat wel en niet werkt. Maar als een ander het moet doen, zien zij de problemen niet. Tot slot weten klanten vaak niet beter. Die denken: de installatie is geplaatst, prima. Maar ze beseffen niet dat onderhoud cruciaal is. Daar ontbreekt een educatiecomponent.’
Wat wordt bij onderhoud nog wel eens over het hoofd gezien?
‘Dat zijn eigenlijk de kleine dingen die zich opstapelen. Leidingen die buiten liggen en door vogels worden aangevreten. De isolatie wordt weggepikt waardoor kale leidingen overblijven. De installatie werkt nog wel, maar minder rendabel. Of leidingen die door de muur lopen en tegen het metselwerk schuren. Dat geeft op termijn lekkages. Het zijn van die details waar we als vakmensen op moet letten. Een leiding die door het verplaatsen van een kast een deuk opliep, isolatiemateriaal dat beschadigd raakt. Ze zorgen niet voor acute storingen, maar veroorzaken wel rendementsverlies. Het probleem is dat we dit soort zaken alleen zien als we fysiek ter plekke komen en goed rondkijken. Remote monitoring helpt ons niet bij een kapotte isolatie. Daarom blijft periodieke visuele controle door een vakman cruciaal, ook in het tijdperk van slimme techniek.’
Waar ligt de verantwoordelijkheid voor goed onderhoud?
‘Zoals in veel situaties is het een kwestie van gedeelde verantwoordelijkheid. Installateurs moeten een goed bereikbare installatie plaatsen. De opdrachtgever moet bereid zijn daar budget voor vrij te maken. Tegelijkertijd moet de beheerder zorgen voor tijdig onderhoud. En de fabrikant moet installaties ontwerpen die onderhoudsvriendelijk zijn. Als één schakel ontbreekt, lopen we vast. We zien te vaak dat de partijen tijdens de bouw alleen naar de laagste prijs en snelste oplossing kijken.’
Wanneer is onderhoud echt slim geregeld?
‘Als we op afstand kunnen zien wat er speelt, alleen ter plekke komen als het echt moet, en dan snel en veilig bij de installatie kunnen. Dat scheelt de klant geld, het scheelt ons als installatiebranche tijd en het zorgt voor betere kwaliteit. Slim onderhoud draait uiteindelijk om efficiëntie in de totale levensduur van een installatie. Van plaatsing tot en met vervanging. Als we dat voor elkaar krijgen, wordt zowel het hebben van een warmtepomp als het onderhoud eraan een stuk aantrekkelijker.
Tekst: Laura Timmermans
Fotografie: Pedro Sluiter